Persberichten Bahá'ís worden in Iran zelfs na hun dood vervolgd


Den Haag, 20 januari (BWNS) –  Zelfs na hun dood zijn bahá'ís in Iran niet gevrijwaard van vervolging door Iraanse overheden. Vandalisme op bahá'í-begraafplaatsen kwam de afgelopen jaren steeds vaker voor en nu willen Iraanse autoriteiten in de stad Sanandaj zelfs een bahá'í-begraafplaats in beslag nemen.

Achttien jaar geleden verkregen de bahá'ís van Sanandaj een grondstuk van één hectare om in te richten als begraafplaats. Het stuk grond was kaal, rotsachtig en zonder begroeiing. Nadat de eerste overleden bahá'í er werd begraven in de herfst van 1993, gingen lokale bahá'ís aan de slag om de begraafplaats een waardig aanzien te geven. Er kwamen bomen en planten te staan, elektriciteit werd aangelegd en er kwam een kleine ruimte, die de mogelijkheid bood om de lichamen op de begrafenis voor te bereiden.Voor elke stap die de bahá'ís ondernamen vroegen ze de gebruikelijke toestemming aan de autoriteiten, die zelf later voorstelden om ook bomen te planten op het gebied grenzend aan de begraafplaats. Uiteindelijk ontstond een locatie, die door de plaatselijke bewoners - veelal soennitische moslims - werd gerespecteerd als een symbool van de vreedzame aanwezigheid van bahá'ís in hun woonplaats.

Nu lijkt het er echter op dat de schoonheid van het gebied de autoriteiten ertoe heeft aangezet hun houding te wijzigen. De staat wil het land terug, ondanks het feit dat de officiële eigendomspapieren in handen zijn van de bahá'í-gemeenschap. Een bevel voor inbeslagname en vernietiging van gebouwen en graven is ingediend bij de rechtbank. De rechtszitting is eind deze maand.

De recente intimidaties van bahá'ís in Sanandaj voorspellen weinig goeds over de afloop van deze rechtszaak. Op 19 december van het afgelopen jaar vielen agenten ’s morgens vroeg twaalf huizen van bahá'ís binnen. Zij namen bahá'í-boeken, pamfletten en foto’s in beslag, alsmede cd’s, audiocassettes, computers, mobiele telefoons, harde schijven van computers en diverse persoonlijke documenten.

‘Het lijkt er op, gelet op de toenemende vervolging van de bahá'ís in Sanandaj, dat de autoriteiten al over het lot van de begraafplaats hebben beslist’, aldus Diane Ala’i, die de internationale bahá'í-gemeenschap vertegenwoordigt bij de Verenigde Naties in Genève.

In een verklaring die werd uitgegeven op 17 januari jl. drong de Mensenrechtenorganisatie van Koerdistan bij de Iraanse autoriteiten aan om tolerant te zijn jegens andere geloofsrichtingen en die te accepteren. De nieuwe golf van onderdrukking van de bahá'í-gemeenschap kwalificeerde de organisatie als inhumaan, onwettelijk en als een schending van verdragen op het vlak van burgerrechten en politieke rechten.

Onder het huidige Iraanse regime is de kwestie Sanandaj overigens niet uniek. Sinds 2007 zijn er meer dan dertig incidenten gemeld, die te maken hadden met bahá'í-begraafplaatsen of met pogingen van bahá'ís om hun doden naar behoren te begraven. Daarbij ging het om vernielingen, brandstichtingen of andere problemen met betrekking tot bahá'í-begraafplaatsen. ‘Klaarblijkelijk zijn ze niet tevreden met het vervolgen van levende bahá'ís en proberen de Iraanse autoriteiten ook de rust te verstoren van overleden bahá'ís’, aldus Diane Ala’i. ‘Dit is het meest recente incident in een reeks van aanvallen op bahá'í-begraafplaatsen en op begrafenissen van bahá'ís. Al deze acties zijn complete schendingen van internationale normen inzake mensenrechten en van fatsoennormen als respect voor de overledenen’.

Enkele recente voorbeelden:

-       Een nieuwe begraafplaats van bahá'ís in Sangsar, in de provincie Semnan, die door de lokale autoriteiten aan de bahá'ís was gegeven, was doelwit van vandalisme in maart 2011. De graven werden met vuil besmeurd, bomen ontworteld en twee kleine kamers vernietigd;
-       In juli 2010 werden graven op de bahá'í-begraafplaatsen van Jiroft in de provincie Kerman, vernietigd door onbekenden met behulp van bulldozers.
-       Eind mei 2010 werd de bahá'í-begraafplaats van Mashdad ’s nachts vernield met zware machines. De muren van de begraafplaats, het mortuarium en de plaats waar gebeden werden gezegd werden zwaar beschadigd.

Ook kwamen er meldingen over pogingen van autoriteiten om bahá'í-begrafenissen te verstoren. In Tabriz bijvoorbeeld werden bahá'ís jarenlang toegelaten tot de gemeentelijke begraafplaats. Vorig jaar kreeg de familie van een overleden vrouwelijke bahá'í evenwel te horen dat de begrafenis moest worden uitgevoerd volgens islamitische regels. De bahá'ís accepteerden dit niet en brachten haar uiteindelijk naar een bahá'í-begraafplaats in een andere stad. Iets soortgelijks gebeurde in oktober vorig jaar, toen het lichaam van een overleden mannelijke bahá'í uit Tabriz opeens 100 kilometer verderop werd begraven zonder dat zijn familie daarover was ingelicht.

‘Vertegenwoordigers van Iran geven op het internationaal podium altijd aan dat bahá'ís niet anders dan anderen worden behandeld en dat zij alleen worden bestraft als ze iets doen dat in strijd is met de wet’, aldus Diane Ala’i. ‘Wat hebben deze overleden mensen gedaan om zo’n behandeling te verdienen? De verfraaiing van de begraafplaats in Sanandaj en de omgeving ervan is een bewijs van de oprechte en positieve bijdrage die de bahá'ís in Iran aan hun land willen leveren. Evenzeer is het duidelijk dat het voor de autoriteiten onmogelijk is om zoiets te accepteren’.

Meer informatie:

Nationale Geestelijke Raad van de bahá'ís van België
Bahá'í Centrum België
Evenepoelstraat 52-54
1030 Brussel

Contactpersonen media:
Toos Verhagen 0473/61 37 77
Guido Cooreman 011/22 66 55

Hoofdnummers:
tel: 02/648 70 21 en 02/648 53 60
fax: 02/646 64 61


Het Bahá'í-geloof
Het Bahá'í-geloof wordt beschouwd als de jongste wereldgodsdienst. Het geloof is in de tweede helft van de 19e eeuw ontstaan in Iran. Het verkondigt de eenheid van God, de eenheid van godsdienst en de eenheid van de mensheid. Het is op dit moment na het christendom de meest wijd verbreide godsdienst ter wereld. Wereldwijd zijn er naar schatting meer dan vijf miljoen bahá'ís.
Aanvullende informatie is te vinden op www.bahai.org.